Help, er zit een gat in mijn Nederlands en dat moet gevuld.
In het Engels bestaat het werkwoord to Persianise (of Persianize), doorgaans gebruikt als voltooid deelwoord: Persianised cultures, a Persianised form of Hindustani, enzovoort. Dat is een doorzichtig woord: Persian betekent Perzisch, dus wie iets Persianises, geeft er een Perzisch karakter aan.
Maar hoe zeg je dat in het Nederlands? Ook wij kunnen allerlei zaken vernederlandsen, verduitsen, verfransen, verzweedsen, verbulgaarsen, veramerikaansen, verchinesen (of verchinezen – minder correct, lijkt me), verargentijnsen of desnoods verguatemalteeksen en verpapoea-nieuw-guinesen. Althans, al die werkwoorden, gebaseerd op bijvoeglijke naamwoorden, klinken mij welgevormd in de oren, al zijn sommige weinig gangbaar. Daarnaast zijn er nog een paar varianten als amerikaniseren en sinificeren, die aan andere talen ontleend zijn. Maar zodra een bijvoeglijk naamwoord op –isch eindigt, loopt het spaak. Verservischen, verrussischen, verperzischen? Het kan aan mij liggen (ik hoop het!), maar ik vind het niet klinken. Een verperzischt Hindoestaans? Geen gehoor, toch? En tenslotte hebben we naast vergroten en vergelen en verwetenschappelijken ook niet verlogischen. Lees verder
Ik ga twee boeken bespreken die ik als aanwinsten beschouw. De auteurs zijn dus collectief de eerste winnaar, want die hebben er een positieve recensie bij. De tweede: alle Nederlandstalige schrijvers, van literatoren, journalisten en redacteurs tot rapportenopstellers, scriptiezwoegers en amateurbellettristen, want die hebben baat bij het ene boek. Dan zijn er de mensen die wetenschap tof vinden, want die zullen smullen van het andere boek. En de vierde winnaar, tja, dat ben ikzelf. Want als dit stukje klaar is, heb ik eindelijk een achterstallig voornemen uitgevoerd.
Op de
Zoals ik 
Mijn veel jongere ik – zie foto – kon er slecht tegen als mijn moeder zei: ‘Dat is een kwestie van houden van’ of ‘Die pakt niet door, hij zit alleen maar te hopen op’. Ik riep dan geïrriteerd: ‘Houden van wie of wat?’ of ‘Hopen waarop?’ 
Wat is er mis met een k aan het einde van een lettergreep? Waarom schrijven de Zweden, de Duitsers en de Engelsen allemaal ck? Waarom heet een ‘bok’ in het Duits een Bock, in het Zweeds een bock, in het Engels een buck? Waarom kent het Duits locker, het Engels locker, het Zweeds lockar? – drie woorden overigens die niets met elkaar te maken hebben en ook niet ‘lokker’ betekenen, maar respectievelijk ‘losjes’, ‘kluisje’ en ‘lokken, krullen’. Waarom die c? Trouwens, Hooft, Vondel en alle andere Nederlandse schrijvers van vóór 1700 of daaromtrent deden het ook. Naast Bekker hebben we ook nog steeds de achternaam Becker. Waarom, hoezo, waartoe dit alles? 