(7:) Het zinnestelsel

Er schoot me vandaag een metafoor te binnen die in het inleidende hoofdstuk kan komen te staan. Ik ben benieuwd wat je ervan vindt, en waarom. Ik hoor het graag! Het gaat om de volgende twee alinea’s:

****

Elke zin die we zeggen zit in elkaar zoals het zonnestelsel waarin we leven. In het midden staat een ster: onze zon. Daaromheen draaien planeten: de aarde natuurlijk, maar ook Venus, Jupiter en andere. Rondom die planeten draaien weer manen. Wij zien ’s nachts dé maan, Luna, de moeder aller manen. De meeste andere planeten hebben er meer dan een, soms zelfs tientallen. En dan zwiert er tussen die planeten door nog wat klein grut, zoals meteoren en asteroïden. Een groot deel daarvan draait ook om de zon, maar sommige zijn onafhankelijke bezoekers.

Een ‘zinnestelsel’ zit ook zo in elkaar. De onbetwiste ster is het werkwoord, of preciezer gezegd de werkwoordgroep. Daaromheen draaien planeten, en net zo bevinden zich in voorspelbare banen om de werkwoordgroep zelfstandige naamwoorden. En zoals om de planeten manen cirkelen, zo hebben ook zelfstandige naamwoorden hun metgezellen: lidwoorden, bijvoeglijke naamwoorden en andere. Ten slotte kun je nog allerlei klein grut aantreffen, waarvan een deel buiten het eigenlijke zinnestelsel valt.

Lees verder
Geplaatst in 7D7T | Tags: , | 8 reacties

(6:) Koning Klaas

Het werkt! De aanpak van het zeventalenboek werkt nu al, nog voor het is verschenen, nog voor het zelfs maar half af is.

Deze jubel baseer ik op twee reacties die afgelopen (Goede) vrijdag onder aflevering 4 van deze reeks verschenen. In het blogje zelf beschreef ik de kern van het zeventalenboek aan de hand van vier trefwoorden: context, patronen, bravoure en basiskennis. Ik sloot af met ‘Volgende week mag ik weer verder met het boek. ¡Te deseo felices Pascuas!’

Ene Pieter reageerde daarop met: ‘Uw eigen principes toepassend, neem ik aan dat uw laatste zin een paasfelicitatie is.’ Hij vermeldt niet hoe hij de principes precies toepaste, maar zijn conclusie klopt. 

Waarna een zekere Klaas liet weten: ‘Door de vorige reactie dacht ik even langer over die laatste zin na. Ik denk dat het betekent “ik wens je gelukkige Pasen”. ‘Te’ net als in het Frans, ‘deseo’ lijkt op desirer in het Frans, ‘felices’ lijkt op feliciteren en feliciteren is geluk( )wensen, en ‘Pascuas’, nou ja, dat was al voor me geraden, maar de hoofdletter en de tijd van het jaar geven het ook weg.’ 

Van zulke lezers dróóm je als schrijver! Klaas past alle vier de principes trefzeker toe. Hij gebruikt de context: de tijd van het jaar, de hoofdletter en het vermoeden van Pieter vóór hem. Hij gebruikt zijn basiskennis, in dit geval Nederlandse en Franse woorden. Hij herkent een patroon: als feliciteren ‘gelukwensen’ betekent, zou dat eerste deel wel eens ‘geluk(kig)’ kunnen betekenen.

En bravoure? Dat al helemaal. Klaas leest en begrijpt een zin in een vreemde taal maar, ik citeer hem nogmaals: ‘ik spreek die taal niet. Sterker nog, ik weet niet eens welke taal het is!’

Als dat geen bravoure is.

****

Dit is aflevering 6 van een lange serie over mijn boek ‘Leer in zeven dagen zeven talen lezen’. Update: Koop het bij je favoriete boekhandel of bestel het hier.

Geplaatst in 7D7T | Tags: | 1 reactie

(5:) Ai, del alle, sullo!

In het Frans zeg je niet ‘à le’, maar au en niet ‘de les’, maar des. Die samensmeltingen kennen we natuurlijk: café au lait, Terre des Hommes. Maar blader je vervolgens door een Italiaans grammaticaboekje, dan slaat de schrik je om het hart: daar vind je 37 van die vormen, en die worden bij voorkeur in een overweldigend grote tabel gepresenteerd. Daar komen niet alleen de voorzetsels de en a in voor, maar ook su (het Franse sur), in (gewoon ‘in’) en da (met tal van betekenissen).

Maar die grote tabel is niet echt nuttig. De Italiaanse samensmeltingen van voorzetsel plus lidwoord zijn ontzettend regelmatig, dus je hebt er meer aan als de systematiek even uit de doeken wordt gedaan.

Lees verder
Geplaatst in 7D7T | Tags: , , | Plaats een reactie

(4:) Het zeventalenboek in drie trucs en een kunstje

Onlangs kondigde ik aan dat ik elke dag dat ik aan mijn nieuwe boek werkte, daar een kort blogje over zou schrijven. Maar het bleef hier doodstil deze week (de Stille Week, maar dat was toeval). Had het plan dan meteen al schipbreuk geleden?

Nee hoor, ik heb deze week gewoon aan andere dingen gewerkt. Het punt is, al mag ik bepaald niet klagen over de verkoop van mijn boeken, ik kan er maar voor pakweg de helft van leven. Mijn andere helft doet er dus een paar dingen naast. Ik geef lezingen, zij het in deze pandemische tijden nauwelijks. Ik doe de eindredactie van een klein tijdschrift, en dat was net deze week. Ik heb als ghostwriter een opiniestuk geschreven, wat een van mijn favoriete genres is. En ik heb een middagje besteed aan de voorbereiding van een ander, kleiner boekproject. Tel daarbij de gemiddeld anderhalf uur per dag op die ik aan Pools besteed, en je begrijpt: de andere helft van mij had het zo druk dat die eerste helft niet aan het zeventalenboek toekwam. Vandaar geen blogposts. 

Maar vandaag wel, gewoon omdat ik er zin in heb. Om precies te zijn wil ik vandaag het boek in een paar woorden samenvatten. Je zou kunnen zeggen: in drie geheime trucs, plus een bekend kunstje.

Lees verder
Geplaatst in 7D7T | Tags: , , | 5 reacties

(3:) Tinke oer it Frysk

Sizzen is neat, dwaen is een ding! Dat twitterde Wil Hoekstra, en dankzij een van mijn Twittercontacten kreeg ik het onder ogen. Een half jaar geleden zou ik wel hebben herkend dat het Fries is, maar of ik het toen gesnapt had, betwijfel ik. ‘Sissen is netjes, dwang is een ding’?

Maar ik heb een tijdje terug aan het Friese hoofdstuk van mijn zeventalenboek zitten werken. Het is nog niet klaar, maar dit zinnetje is voor mij nu wel gesneden koek. En voor de lezer straks ook, verwacht ik.

Lees verder
Geplaatst in 7D7T | Tags: | 8 reacties

(2:) Een ridder zonder godslastering

Ik liep vandaag na hoe in de Romaanse talen de medeklinkers zich ontwikkeld hebben. Als je weet dat een Franse v vaak uit een oudere p of b is ontstaan, zie je eerder het verband tussen couvert (bedekt) en zijn collega’s elders: coperto, coberto en cubierto. (Het zeventalenboek zal wemelen van dat soort Kwik, Kwek en Kwak-achtige trio’s.)

Zo kwam ik ook bij de letter f. Nu valt daar niet zo erg veel spannends over te melden – het hoogtepunt is nog dat hij aan het begin van Spaanse woorden soms in een stomme h is veranderd. Maar al speurend stuitte ik wel op het Griekse leenwoord blasphemare, Latijn voor ‘godslasteren’. Het zal je niet verbazen dat ons woord blasfemie daarvan afstamt. Wat mij wél verbaasde, is waar dat woord allemaal nog meer in voortleeft.

Lees verder
Geplaatst in 7D7T | Tags: , , , , , , | 5 reacties

(1:) Zeven talen in zeven dagen – een nieuw boek

Ik ga iets nieuws uitproberen: jou laten meebeleven hoe mijn nieuwe boek tot stand komt. Elke dag dat ik eraan werk, zal ik hier iets melden. Ik plaats een korte passage, deel een inzicht, twijfel over een beslissing, presenteer een vondst, baal van een tegenslag, meld een mijlpaal – wat dan ook. Natuurlijk probeer ik het interessant en onderhoudend te maken, maar het zal in ieder geval wáár zijn. Welkom in mijn werkplaats.

Hoe het boek gaat heten, heb je al gezien op het zelfgefröbelde omslag: Leer in 7 dagen 7 talen lezen. Die titel dekt de lading nauwkeurig. Het uitgangspunt is dat de meeste Nederlandstaligen vrij goed Engels spreken en dat miljoenen van ons op zijn minst wat school- en vakantie-Frans en -Duits in huis hebben. We mogen dat graag relativeren, maar vergeleken met veel andere Europeanen zijn we nog steeds behoorlijk veeltalig. Ben jij behoorlijk veeltalig.

Op die basis kun je in korte tijd een aardig woordje Fries, Deens, Noors, Zweeds, Italiaans, Spaans en Portugees leren lezen. (En trouwens ook Catalaans, Afrikaans, Esperanto en misschien zelfs Roemeens, maar ik ben gestopt bij zeven.) Die talen beslaan samen een flinke lap Europa- ruwweg alles ten westen van het voormalige IJzeren Gordijn – plus natuurlijk Latijns-Amerika. Alleen, wie gaat er nou zeven taalcursussen volgen? Niemand. Met dit boek doe je ze allemaal in één keer.

Lees verder
Geplaatst in 7D7T | Tags: , | 1 reactie

Het vliegt en het heeft een naam

Ik heb niet speciaal iets met vogels, al ben ik blij dat onze kat al een paar jaar te sloom is om ze te vangen. Maar zelfs voor iemand als ik heeft vogelaar Toine Andernach een heerlijk boek geschreven: Baardman & boterkontje.

Dat komt deels gewoon door het onderwerp: het gaat over vogelnámen, en dus over taal. Etymologieën, volksnamen à la boterkontje, biologisch misleidende namen, historische anekdotes, ze staan er allemaal in. Maar de aantrekkelijkheid van het boek zit hem ook voor een flink deel in de stijl: behalve informatief zijn de teksten geestig en speels geschreven, niet te lang en ook nog eens mooi geïllustreerd.

Lees verder
Geplaatst in boeken e.d., Nederlandse taal | Tags: , | 4 reacties

Tekstologen

Schrijven heeft met chirurgie, voetbal en koken dit gemeen: het is een vak. Je kunt het ook als hobby beoefenen, net als die andere drie (waarvan twee legaal). Maar op het hoogste niveau van bekwaamheid lopen er toch vooral professionals rond, die hun brood ermee verdienen.

Voor vakkennis is meestal een markt. Wil een ziekenhuis een hartchirurg, een voetbalclub een middenvelder, een restaurant een Indiase kok, dan weten ze hoe ze die moeten zoeken.

Maar hoe rekruteer je – en zeker als particulier – een schríjver? En dan nog precies de schrijver die goed kan wat jij nodig hebt: je opiniestuk aanscherpen, een vers op maat dichten, je roman op gang helpen ?

Vind ze maar eens, de vrouwen en mannen die dat goed kunnen en die het graag voor je doen. Of beter gezegd: vind ze maar – op detekstologen.nl

Geplaatst in boeken e.d. | Tags: , , , , | 3 reacties

Een toch niet zo heel select gezelschap

Nescio

Vorige week ging ik op jacht naar een heel specifieke groep woorden: Nederlandse zelfstandige naamwoorden die ontstaan zijn als Latijnse werkwoorden. Nee, nog preciezer zelfs: als Latijnse persoonsvormen. Als voorbeelden noemde ik onder meer Volvo (ik wentel), fiat (het gebeure) en placebo (ik zal behagen). Ik vroeg wie er nog meer voorbeelden wist, eventueel ook uit het Engels en Duits. Dat leverde tientallen reacties met vaak bruikbare aanvullingen op. Met name Chris Streefkerk, Maarten Vidal en Cor Cornelissen droegen veel suggesties aan, waarvoor dank.

Niet alle aanvullingen voldeden aan de zeer strikte richtlijnen. Sterker nog, in mijn eigen lijstje stond al een fout: audit komt niet van de Latijnse persoonsvorm audit (hij luistert), maar is een verengelsing van het Latijnse zelfstandig naamwoord auditus (het luisteren, hoorzitting). Nogal wat suggesties behelsden ‘verkeerde’ werkwoordsvormen (zoals agens– een deelwoord, geen persoonsvorm) of kwamen slechts toevallig met Latijnse persoonsvormen overeen (zoals tango en salvo).

Lees verder
Geplaatst in Nederlandse taal, vreemde talen | Tags: , , , | 2 reacties