(17:) De intieme anatomie van het Italiaans

Ik wist het niet toen ik vanmorgen wakker werd, maar vandaag is het de dag van de schunnigheid!

De podcast van John McWhorter waar ik tijdens mijn lunchpauze naar luisterde, ging over de Engelse woorden voor de geslachtsdelen, vooral de mannelijke. Ik ga niet vertellen wat hij vertelt, maar ik beloof verrassingen. Er is een heel boek van hem op komst over taboetermen, Nine nasty words. Ik ben fan (van McWhorter, niet speciaal van die woorden), dus ik zie ernaar uit. Kleine waarschuwing wel: de podcast mikt in de eerste plaats op een Amerikaans publiek, dus als hij de woorden in kwestie publiekelijk moet uitspreken gedraagt hij zich als een jongejuffer.

De rest van de dag was ik bezig een lijst van 2500 frequente Italiaanse woorden door te akkeren. En tot mijn – misschien naïeve – verrassing kwam ik daar nauwelijks minder termen tegen uit de genitale en anale sfeer. Al op nummer 270 staat merda (poep, shit). Op 450: puttana (hoer). Op 509: culo (reet). Op 667: cazzo (lul). Op 1161: vaffanculo, en op 1832 de ingekorte vorm fanculo (zo iets als ‘stop het in je reet’). Op 1221 en 2200 fottuto en fottuta (geneukt, fokking). Op 1308: frega, letterlijk ‘wrijft’, maar vooral gebruikt in een uitdrukking à la ‘het kan me geen reet schelen’. En dan heb ik vast nog wel termen over het hoofd gezien. Ik mis bijvoorbeeld ‘kut’ nog, een begrip dat in andere Romaanse talen (con, coño) net zo gretig wordt gebezigd als in het Nederlands.

Mijn eerste gedachte was: wat zijn het er veel zeg, die Italianen vuilbekken zich een slag in de rondte! Maar dat is natuurlijk een overhaaste gedachte. Ten eerste: ik heb geen vergelijkbare gegevens over het Nederlands en andere talen bij de hand. Ten tweede: als de Italianen die termen inderdaad meer gebruiken, kan het best zijn dat ze hun schokwaarde allang verloren zijn. Ik bedoel, het kut van nu is het kut van mijn jeugd ook niet meer, en kont is bijna paleisfähig. Ten derde: misschien hebben de Italianen gewoon niet zo’n groot repertoire op dit punt en moeten ze zich behelpen met een handjevol schunnigheden, die dus hoog in de frequentielijst eindigen. (Nee, ik geloof het zelf ook niet.) Ten vierde: veel van onze krachttermen zijn voorvoegsels (klote-, kut-, enzovoort) en bovendien lang niet altijd schunnig in de seksuele betekenis van het woord (kanker-, tyfus-). De samenstellingen zouden niet snel in de top-2500 belanden, maar intussen zijn die voorvoegsels wel, eh, reteproductief.

Toch wil ik ook weer niet bij voorbaat helemaal uitsluiten dat Italianen betrekkelijk grof in de mond zijn. (Open mind, Dorren!) Er wordt tenslotte in verschillende culturen verschillend gecommuniceerd. Zo bevat het idee dat Italianen meer ‘met hun handen praten’ een flinke kern van waarheid, volgens een Italiaanse deskundige die ik er ooit over interviewde. Misschien zijn Italianen dus ook wel echt meesters in schunnigheid.

****

Dit is aflevering 17 van een doorlopende serie over het schrijven van mijn boek ‘Leer in zeven dagen zeven talen lezen’.

Dit bericht werd geplaatst in 7D7T en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op (17:) De intieme anatomie van het Italiaans

  1. Jouke zegt:

    Leuke podcast. Ik dacht in het begin het valt wel mee met het jongejuffergehalte, toen hij niet moeilijk leek te doen over cock en dick, maar later leek cunt toch een te grote hobbel om matter of fact over te doen. Ik heb het boek besteld, het lijkt me leuk.

    Like

Laat een reactie achter op Gaston Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s